Geplaatst in Toet & Co

Toet & Co: Dat spul is niet voor niets vergeten!

‘Rianne? Psssttt Rianne??’ Ik negeer het gefluister en het zachte pootje op mijn arm en draai mij met een snurkend geluid om. Even is het pootje verdwenen, dan voel ik hoe één van de knuffels over mij heen kruipt en via mijn schouder naar mijn oor glijdt. ‘Hé Rianne, wordt eens wakker. We moeten praten.’ Ik probeer Toet, gezien de vasthoudendheid kan het alleen Toet maar zijn, met een beweging van mijn schouder bij mijn oor weg te krijgen, maar hij heeft zich stevig vastgegrepen en gaat over tot zwaarder geschut. ‘WAKKER WORDEN!!’ brult hij in mijn oor. ‘WAT IS ER!!! WAAR IS DE BRAND??’ brul ik net zo hard terug. Even is de muis met stomheid geslagen. Even maar. ‘We moeten praten. Wij maken ons zorgen over die Mexicaanse meid die in China gemaakt is. Kom mee naar de kamer.’ Zuchtend verlaat ik mijn warme bed en volg Toet naar de kamer. Daar zitten de twee kleintjes met in en in trieste snuitjes naar iets op de iPad te kijken.

Ik besluit elke vorm van angst meteen de kop in te drukken en zeg, ‘Jullie hoeven niet bang te zijn voor Corona. Jullie zijn gevuld met fluff, stuff en plastiek bonen, daar houden virussen niet van.’ Mijn woorden hebben niet het gewenste effect. ‘Wai sain not bang om siek te worden,’ bromt Moeltje. ‘Wai sain bang for woat er binnenkort on de menju staat!’ Nu ben ik met stomheid geslagen, en langer dan de onverbeterlijke muis. ‘On de menju?’ vraag ik na vijf minuten stilte. ‘Wat bedoelen jullie?’

‘China, Italië en Noord-Brabant zijn al dicht. Amerika wil de grenzen sluiten. Hoe zit dat met ons eten? Met de staptjoj, pizza, worstenbroodjes & hamburgers?’ Toet kijkt mij met priemende ogen aan.
‘Woat of more countries close the grenzen,’ neemt Moeltje het woord over. ‘Woat about onze Frankfurter, Mexican beans with guacamole en French fries?’
‘Banaantjes, kersjes en avocadoootjes?’ maakt Rozi de horror compleet.

Ik moet de Boysz bekennen dat ik daar nog niet echt over na heb gedacht. Zij wel. En zij zijn op onderzoek uitgegaan. ‘De piepels die er verstand van hef think det Corona makes det wai minder gaan kopen. Det wai minder gaan raizen. Det wai more aangewezen sain op woat in de regio geprocedureerd wordt.’
‘Geen bananen en avocadootjes uit Zuid-Amerika meer. Geen kersjes uit Spanje of Israël. Geen lychees uit Maleisië of buitenbeentjes uit Australië meer,’ somt Rozi een aantal favorieten op.

‘Dan eten we groenten en fruit uit Nederland,’ antwoord ik. ‘Witlof, spinazie, boerenkool, appels, peren, aardbeien, witte kool & spitskool, om er maar een paar te noemen,’ zet ik mijn woorden kracht bij. ‘En hier uit de regio, de vergeten groenten.’ Toet’s pootjes vliegen over de iPad heen, op zoek naar de vergeten groenten. Een lijstje is al snel gevonden. De Boysz bekijken het lijstje, kijken elkaar aan. Onderdrukken ternauwernood een rilling. Het is Rozi die uiteindelijk het woord neemt. ‘Rianne, dat spul is niet voor niets vergeten. Dat gaan wij echt niet eten hoor. Daar kunnen we wel ziek van worden. Als jij eens heel snel beter wordt, dan kan je pizza’s en zo gaan hamsteren. Dat is veel beter voor ons.’

‘Yeas. Get better soon,’ bromt Moeltje. Ik zucht eens. ‘Waarom lig jij eigenlijk niet in bed, zo word je natuurlijk nooit beter,’ doet Toet een laatste duit in het zakje. Ik zucht nogmaals. Soms zou ik die drie hun nek wel om kunnen draaien. Maar zij hebben mij wel aan het denken gezet.

Geplaatst in Toet & Co

Toet & Co: Schrikkenjaar

Het is rustig in huis. Rozi en Moeltje zijn verdiept in een spelletje domino. Beide hebben een bakje sjips en een bekertje ranja onder handbereik. Toet is nergens te bekennen. Rozi legt een steentje neer, en pakt zijn bekertje om een slokje te nemen. Met een luid gegrom duikt Toet achter hem op. De ranja vliegt uit het bekertje, zo over de dominostenen, de tafel en Moeltje. ‘D-d-d-d-d-oe je nou Toet,’ stottert de kleine olifant. ‘Je liet me schrikken.’ ‘Yeas Toet, woat ar joe doing. Nou ai ben helemaal sticky,’ bromt Moeltje boos. ‘Kan er niets aan doen,’ zegt de onverbeterlijke muis. ‘Het is schrikkenjaar, dus ik doe gewoon wat er moet gebeuren. Iedereen laten schrikken.’

‘A heel year? Ai dacht it woas only one dee,’ zegt het beertje verbaasd.
‘Ja Toet, het is geen heel jaar schrikselen, het gaat alleen om 29 februari. Dat is de schrikseldag. Die dag komt maar eens in de vier jaar voor,’ legt Rozi uit.
‘En wat is één dag extra om te schrikken?’ vraagt Toet verbaasd.
‘Well, if joes viert joes twentie-us beursdee, end joe ziet er uit as eighty, det is schrikken Toet’

‘Hoe weet je of je er uit ziet als tachtig?’ vraagt Toet, en pikt een sjippie uit Rozi’s bakje. ‘En wat is er erg aan om er als tachtig uit te zien?’
‘Eighty is old,’ zegt het beertje gedecideerd. ‘Nobody wants er old uitzien. Flubbery skin end un heleboel ribbels.’
‘Neeeeeeheeee!’ roept Rozi, en slaat van schrik zijn pootjes voor zijn ogen. ‘Mijn vel is helemaal geribbeld. Zo heeft Appelig mij gemaakt. Appelig heeft mij oud gemaakt.’

Handig maakt Toet gebruik van het feit dat Rozi zijn pootjes voor de ogen heeft, en eet alle sjips op. Terwijl hij de laatste kruimeltjes van zijn pootje likt zegt hij, ‘Zal wel meevallen Rozi. Jouw vel flubbert niet. Dat zit kei strak. Als er iemand flubbert, is dat Moeltje.

Van schrik sprietst Moeltje het slokje ranja wat hij net in zijn mond heeft uit over tafel. ‘Nooohoo, ai ben not flubbery. Ai hef a nice figuur for un beany bear. Mai skinnetje is not geribbeld, but naise end smoeth.’

Dan loopt hun mens de kamer binnen en neemt de ravage in zich op. Twee plakkende knuffels. Dominostenen onder de ranja. ‘Wat is hier gebeurt?’ vraagt zij verschrikt.

‘Het is schrikkenjaar!’ jubelt Toet. ‘Ik mag jullie een heel jaar lang elke dag laten schrikken en vandaag is dat goed gelukt. Zuchtend pakt hun mens een natte doek en begint tafel, knuffels en dominostenen schoon te vegen. ‘Schrikkeljaar Toet. Schrikkeljaar! Dat heeft niets met schrikken te maken, maar alles met de Gregoriaanse kalender. Het draait allemaal om één dag, en daar moet je nog 3 jaar en 363 dagen op wachten.’

Hun mens wil verder vertellen, maar Toet is niet geïnteresseerd. ‘Hoe lang nog tot 1 april?’ vraagt hij aan niemand in het bijzonder. ‘Dan mag ik iedereen foppen. Niet zo leuk als iemand laten schrikken, maar beter dan niks.’ Hij haalt zijn schouders op. ‘Mag ik meespelen?’ vraagt hij aan zijn vriendjes. Wanneer die ja knikken zet hij zijn liefste gezicht op en vraag aan hun mens, ‘Zou ik ook een bekertje ranja en wat sjippies mogen?’

Vijf minuten zitten de heren met z’n drieën heerlijk te dominoën en is de rust wedergekeerd. De vraag is alleen, voor hoelang!

~~~~~~~~~**********~~~~~~~~

Voor de nieuwe lezers: Toet is een Cliniclown-muisje met een eigen willetje, Rozi, Rozifantje voluit, is een creatie van Appelig (en daarmee one-of-a-kind) en Moeltje is en Amerikaanse bruine beer, die lang geleden in het koffertje van Zoon mee naar Nederland is gekomen. Hij verblijft hier min of meer illegaal.

Geplaatst in Toet & Co

Toet & Co: wokkels, grote zomen, bonen en ijs

Een korte verhandeling over het menselijk lichaam, de verschillen tussen mens en knuffel… en wokkels.

‘Nou ja zeg, moet je hier eens kijken!’ Verbolgen draait Toet het scherm van iPad richting zijn vriendjes. ‘Wat een hypochondercriet zeg. Tegen ons zeggen dat sjips ongezond zijn, terwijl zij en alle andere mensen helemaal strak staan van de wokkels.’ Zijn vriendjes bestuderen de pagina nauwkeurig.

‘Wat zijn mensen toch ingewikkelde wezens,’ piept Rozi. ‘Wij hebben gewoon een velletje gevuld met fluf en stuf, maar zij. Pfff. Vel, vet, spieren, pezen, hart, nieren, botjes en wokkels.’

‘Sai hebben det wokkels selfs ee naam gegeven,’ ziet Moeltje. ‘Sai noemen det wokkels D & A. Ai vraag mai af, where det D voor steeit. And det A. End waarom not alle wokkels ee naam heef gekregen?’

‘Volgens mij heten ze allemaal D of A,’ antwoordt Toet, en ze verschuilen zich in de grote zomen iks en ijs. Ik denk dat de A voor angsthaas staat, want anders zouden die aa-tjes zich niet verschuilen in grote zomen.’

‘Misschien staat de D wel voor diefjes,’ oppert Rozi. ‘Diefjes verschuilen zich ook graag, en in een grote zoom is natuurlijk meer plek dan in een gewone zoom. Kunnen ze rustig het ijsje van de aa-tjes opeten, zonder gestoord te worden.’ Tevreden kijken de vrienden elkaar aan, en lezen dan verder.

‘Ja hoor, typisch mensen,’ bromt Toet even later. ‘Kunnen nooit eens samen iets gezelligs doen. Verdelen zich altijd in groepen. Hier… Vier hoofdbloedgroepen, en nog heel veel kleine, heel bijzondere groepen, maar die worden doodgezwegen. Buitengesloten. Nee, dan wij, wij hebben gewoon allemaal hetzelfde fluff en stuff.’ Hij wil nog meer zeggen, maar wordt onderbroken door Moeltje.

‘Hummm, ai wil not do vervelend, buttuhh… aiiii zit vol met beans, det is wai ai ben ee beany bear.’ Het kleine beertje kijkt zijn vriendjes verlegen aan.

‘Ik denk dat ook wij een ander soort fluff en stuff hebben Toet,’ piept Rozi. ‘Jij bent veel zachter dan ik, zeker rond je buikje. Als ik op mijn buikje trommel klinkt het tap tap tap. Als ik op jouw buikje trommel hoor ik plof plof plof.’

Toet denkt even heel diep na. ‘Het maakt niet uit dat Moeltje gevuld is met bonen en dat mijn buikje zachter is dan het jouwe. Wij zijn alle drie gemaakt van fluff, gevuld met stuff,’ zegt hij filosofisch. ‘Het maakt niet uit dat onze stuff niet hetzelfde is. Wij doen niet aan dipchipsminatie, buitensluiten en groepen. Wij verschuilen ons niet in een grote of kleine zoom als we ijs eten. Wij delen.’

Dan loopt hun mens de kamer binnen. ‘Maar niet met haar,’ zegt hij gedecideerd, ‘want zij deelt haar wokkels ook niet met ons. Alleen met andere mensen. Later, als ze dood is, en er zelf niets meer aan heeft.’

~~~~~~~~~**********~~~~~~~~

Voor de nieuwe lezers: Toet is een Cliniclown-muisje met een eigen willetje, Rozi, Rozifantje voluit, is een creatie van Appelig (en daarmee one-of-a-kind) en Moeltje is en Amerikaanse bruine beer, die lang geleden in het koffertje van Zoon mee naar Nederland is gekomen. Hij verblijft hier min of meer illegaal.