Toet & Co: De Triffids komen

Het viel mij woensdag middag al op. De nieuwe courgetteplant voelde zich een beetje down. Wat moet ik doen? vroeg ik aan haar voormalige eigenaar. Praten, was het antwoord, veel praten!. ‘Dat doen wij wel,’ zei Toet, en met z’n drieën gingen de heren naar buiten. Ze kwetterde tegen de courgette dat het een lieve lust was.

Na een uurtje kwam Toet een boek en zijn leesbril halen. ‘Ze begint al te stralen,’ zei hij in het voorbij gaan. Even later begon hij, onder toeluisterend oor van zijn vriendjes en Courgetje, met het voorlezen van de avonturen van Winnie de Poeh.

Al snel werd het stemmetje van Toet overstemd door schrapende geluiden. Ik keek even naar buiten en zag dat zijn gehoor groter was geworden. Ook Pattison, Tomaat en Kersje hadden zich om hem heen geschaard. Hun blaadjes trilde van genot in de wind en Toet pakte het verhaal weer op.

Terwijl ik mij afvroeg hoe de oudgediende met deze verwennerij van de nieuwelingen om zouden gaan, hoorde ik weer poten over de grond schuurde. Hoorde ik Rozi roepen, ‘Pas op, dadelijk zit ik klem. Houd eens een beetje afstand.’ Ik keek naar buiten en zag dat niet alleen de nieuwkomer maar ook de oudgediende zich rondom Toet hadden verzameld, vol aandacht naar het verhaal luisterde en steeds dichterbij kwamen om maar niets te missen.

Zo dichtbij dat Rozi en Moeltjes zich uit de voeten maakte om niet onder de wortel gepletterd te worden. Toet stem wordt schriller en schriller en hij probeerde zijn vriendjes te volgen, maar de bananenplant versperde hem de weg. ‘Laat mij niet alleen,’ riep hij wanhopig, ‘Help me. Het lijken de Triffids wel’.
‘Wait a little bitje,’ riep Moeltje hem toe, ‘Ai hef an idea!’

De twee kleintjes rende naar binnen en kwamen even later met een enorm boek weer naar buiten. Een kookboek. Er werd gebladderd. Er werd gesmakt. ‘Courgette soep,’ piepte Rozi. ‘Tometen selsa,’ jubelde Moeltje. ‘Pompoentaart, maar daar kan je vast ook Pattison voor gebruiken,’ vroeg Rozi zich hardop af. Het leek alsof de kring rondom Toet wat royaler werd. ‘Toast with roasted cherry tometen, hummmm.’ ‘Aardbeien bavaroo-is,’ smekte Rozi. De kring werd weer iets groter. Toen bracht Moeltje de genaden klap toe. ‘Bananananabread with nuts. Kaik, joe kan daar ook de leaves voor gebruiken.’

Het bananenblad ritselde luid en duidelijk. Het klonk als een commando. Binnen een minuut was de kring planten verdwenen en Toet ontzet. ‘Als jullie maar niet denken dat ik ooit nog voorlees, stelletje salade maniakken,’ riep hij boos onderwijl boek, bril en muts bij elkaar zoekend. ‘Ik heb het helemaal gehad met jullie. Een kleine muis klemzetten. Kunnen jullie wel, stelletje …. stinkende stukken groenvoer.’

Ondertussen is de rust wedergekeerd. Toet en zijn vrienden amuseren zich binnen met de iPad, terwijl de buitenplanten zachtjes met hun bladeren ritselend Toet proberen te verleiden om hen nog een klein stukje voor te lezen. Hem beloven zich te gedragen. Voorlopig ritselen zij tegen dovemansoren.

Toet & Co: Oepsie!

Nooit verwacht dat ik dit zou zeggen, maar het cadeautje wat ik eind vorige maand van Zoon kreeg valt in de categorie best gift ever. Niet dat stofzuigen nu ineens leuk is, verre van, maar het is wel een stuk makkelijker. Het ding is lichtgewicht, de ingebouwde kruimeldief is superhandig en de hoeveelheid zuigkracht zonder turbo is stevig genoeg om de vloer, en delicaat genoeg om de Boysz te ontstoffen.

Inderdaad, niet alleen Zoon en ik vinden het een top-apparaat. De Boysz zijn er haast aan verslaafd. ‘Even een vlekje wegwerken,’ klinkt het regelmatig vanaf de vensterbank en dan zie ik hoe de heren elkaar stofzuigen. Aangezien ze daarna de vensterbank, het tafeltje en het krukje ook onder handen nemen, vind ik het prima.

Zaterdagavond neem ik de woonkamer onder handen. Omdat de Boysz met mijn laptop op de bank zitten, sla ik de bank over. ‘Zet dat ding als je klaar bent maar even hier neer,’ piept Rozi, ‘dan doen wij dadelijk nog wel even de bank kruimeldieven.’ Een goed idee wat mij betreft en even later zet ik de stofzuiger tegen de bank aan.

Terwijl ik de vaatwasser leeg ruim hoor ik de stofzuiger aan gaan. ‘Doe mijn staartje even,’ vraagt Toet. ‘Die heeft tussen de verwarming gehangen en is een beetje heel erg veel stoffig.’ Ik kijk en zie hoe de twee kleintjes samen de kruimeldief in bedwang houden. Vertederd kijk ik toe hoe Toet even later de twee kleintjes ontstoft. Dan is de bank aan de beurt.

De vaatwasser is ondertussen leeg en kan weer gevuld worden. Achter mij hoor ik ineens ‘Oepsie’ en meteen valt de kruimeldief stil. ‘Ai see it’ hoor ik Moeltje zeggen. ‘Look, there is de numbertje three.’ Nieuwsgierig kom ik dichterbij, al weet ik niet zeker of ik wil weten wat er met numbertje three aan de hand is. De heren zitten met z’n drieën op het toetsenbord.

‘Weet jij hoe je het stof uit dat ding verwijdert?’ vraagt Toet onschuldig. Ik schud van nee en pak het boekje erbij. Het blijkt niet moeilijk te zijn. Ik pak de kruimeldief uit Toet’s pootjes, en bekijk het stofreservoir. Goed zichtbaar tussen een hele berg stof is toets nummer drie van mijn Chromebook.

‘Wat is dit?’ vraag ik boos. ‘Numbertje three,’ antwoordt Moeltje gelaten. ‘Hoe kan dit?’ verbeter ik mijn vraag. ‘Nou, mijn staartje, de kleintjes en de bank waren schoon en toen dacht ik, het toetsenbord is wat stoffig, laat ik dat ook maar even schoonmaken. En inene ging de kruimeldief echt dieven en floepte zo de drie uit het toetsenbord.’

Zuchtend koppel ik het stofreservoir los, maak het open en grabbel tussen het stof. Nummer drie laat zich nog niet zo makkelijk vangen. Wanneer ik het eindelijk te pakken heb gooi ik de rest van het stof weg, spoel het plaatje af en plaats het terug op het toetsenbord. Met een zachte klik zit het vast en is het toetsenbord weer als nieuw.

Terwijl ik het reservoir terug in de kruimeldief plaats zegt Toet, ‘Geef dat ding even aan mij. Dan zuig ik de andere toetsen ook even op. De drie is veel schoner dan de rest.’ Ik kijk hem even strak aan. ‘Geen goed idee?’ vraagt hij. Ik geef geen antwoord maar ik denk dat mijn gezicht boekdelen sprak. ‘Ik denk dat wij maar weer eens lekker op de vensterbank gaan zitten,’ piept Rozi. ‘Kan jij lekker met de laptop op de bank gaan hangen.’

Toet en hij voegen meteen de daad bij het woord. Moeltje ademt nog even op zijn pootje en wrijft hiermee over het toetsenbord. ‘All yours,’ mompelt hij en loopt dan zijn vriendjes achterna.


Voor meer informatie over de Boysz inclusief hun overzicht van hun eerdere avonturen, klik hier.

Toet & Co: Steekje los

‘Nee, nee, blijven zitten. Wij gaan je verwennen. Het is tenslotte Moederdag en jij bent toch wel een beetje onze moeder.’ Ik heb Rozi zelden zo streng gehoord. ‘Toet, breng jij de vuile vaat even naar de keuken. Moeltje, zet jij de koffiemaker alvast aan, dan breng ik het lege kopje naar je toe.’ Het gebeurt trouwens ook maar zelden dat de kleine roze olifant de lakens uitdeelt, en dat zijn vriendjes naar hem luisteren. Dit keer wel.

‘Welkah colour koffie doe joe want?’ roept het beertje vanuit de keuken. ‘Doe maar een groene,’ antwoord ik. Vanuit mijn ooghoek zie ik zowel mijn kopje als de kom waar mijn ontbijt in heeft gezeten van het tafeltje naast mij verdwijnen. Als volleerd Afrikaner waterdrager zet Rozi het kopje op zijn hoofd en wandelt naar de keuken. Toet houdt de voor hem toch wel wat grote kom stevig tegen zijn buikje gedrukt en verdwijnt achter de bank.

Ik zie hoe beertje en olifant voorzichtig de lege kop onder de koffiemachine schuiven. Dan zet Rozi met een tevreden snuitje de machine aan. Ik hoor het ding pruttelen en de geur van verse koffie bereikt mijn neus.

KLETS! BOEM! BENG! AUW! hoor ik ineens en zie de kom, lepel, zonnebril en Toet over het laminaat zeilen.

‘Blijf zitten,’ brult Rozi naar mij en rent, met Moeltje in zijn kielzog, richting zijn vriendje. Die stil blijft liggen. ‘Whoats kebeurt Toet,’ vraagt het beertje bezorgd. ‘M-m-m-m-mijn ene pootje deed het ineens niet meer. Ik tilde het andere pootje op, en toen was het net of het ene pootje ook omhoog ging, en toen viel ik.’ Tranen lopen over zijn wangen. ‘Doet je ene pootje pijn?’ vraagt Rozi bezorgd. Het muisje knikt van nee. ‘Het doet het gewoon niet m-m-m-meer,’ jammert hij. ‘Oh mai, if jouw leg werkt not meer, joe is gehandicapt end den joe moet naar een special home,’ weet Moeltje te vertellen.

‘IK HEB HELEMAAL NIETS AAN MIJN HANDJES EN IK HEB EEN MUTS EN GEEN KEP,’ brult Toet, ‘DUS IK BLIJF GEWOON HIER WONEN, HEB JE DAT BEGREPEN!!’ Aan zijn toon hoor ik dat het tijd is mij er mee te bemoeien. Ik help hem in zittende positie. Voel voorzichtig of zijn pootjes kapot zijn, maar voel niet, en Toet heeft duidelijk geen pijn. ‘Kan je opstaan?’ vraag ik hem. ‘k zal het proberen,’ zegt hij op een toon die aangeeft hoe dom ik ben. Dan staat hij. Doet een stapje, en nog één.

‘Pas op Toet, je hebt een losse veter,’ waarschuwt Rozi maar het is al te laat. Voor de tweede keer deze ochtend gaat Toet onderuit. ‘Losse veter?’ vraagt hij verbaasd. ‘Rozi, ik draag geen schoenen hoor.’ ‘Toch heb je een losse veter of zo,’ zegt het olifantje stellig.

Het blijkt een of zo te zijn. Er zit een steekje los zogezegd. Een lange draad is door al het wassen nog langer geworden. Onder toeziend oog van de Boysz leg ik er eerst meerdere knopen in, en knip de rest van de draad dan af zodat het struikelgevaar voorlopig verdwenen is. Dan is het tijd voor een kusje en een pleister, en gaan de Boysz weer spelen. Het hele Moederdag verwengedoe is vergeten.

Zuchtend raap ik bril, lepel en kom van de vloer en stop de laatste twee in de vaatwasser. Dan pak ik mijn koffie en ga met een boek op de bank zitten. Het is tenslotte Moederdag.

~~~~~~~~~**********~~~~~~~~

Voor de nieuwe lezers: Toet is een Cliniclown-muisje met een eigen willetje, Rozi, Rozifantje voluit, is een creatie van Appelig (en daarmee one-of-a-kind) en Moeltje is en Amerikaanse bruine beer, die lang geleden in het koffertje van Zoon mee naar Nederland is gekomen. Hij verblijft hier min of meer illegaal.