Anything you can do, we can do better!

Je huis delen met drie levendige knuffels heeft zo z’n charmes. Bovendien zit je nooit om een verhaal verlegen!. Hieronder volgt een avontuur(tje) van de heren Toet, Rozifantje en Moeltje. Ik zal hen even voorstellen: Toet is een CliniClown-muisje, Rozifantje een creatie van Appelig (en daarmee one-of-a-kind) en Moeltje is beanie-bag-beertje wat dik twintig jaar geleden in de rugzak van Zoon vanuit Amerika meegelift is naar Nederland.

img_3382Al kruipend over het balkon met een pot verf en een kwast in mijn hand kon ik het gevoel, ik ben niet meer zo soepel als ik ooit was, nog negeren maar al balancerend op een krukje met een raamwisser in mijn hand kon ik er niet meer om heen. Ik was mijn balans kwijt en zo stijf als een plank. De hoogste tijd om in actie te komen. Ik zocht en vond een gratis yoga-app (7M yoga) zonder al teveel reclame en ging aan de slag. ‘s-Morgensvroeg, alleen, buiten op het balkon.

Dinsdagochtend is het buiten te nat en daardoor ook te koud om buiten op een handdoek te gaan liggen. Ik spreid de handdoek in de kamer uit. De jongens verkeren in diepe rust. Met het geluid zo zachtjes mogelijk werk ik het beginnersprogramma van 10 minuten af en berg daarna meteen de handdoek op. Tevreden ga ik met een kop koffie op de bank zitten. ‘Noem jij dat sporten?’ Met een brede grijns op zijn snuitje staat Toet voor mij. ‘Een beetje op je rug liggen.’ ‘Nee Toet, dit is yoga, en geloof mij nu maar als ik zeg dat sommige oefeningen lastiger zijn dan ze lijken.’ Hij is niet overtuigd.

Vrijdag trakteer ik mijzelf op een yogamat. Dankzij de Indian Summer kan ik best 10 minuten yoga-en op het balkon, maar het trekt wel koud op. Daar worden soepel wordende spieren niet echt vrolijk van.

Het scheelt echt, zo’n matje, merk ik vanmorgen. Na de yoga trek ik mijn hardloopkleding aan en wil mijn telefoon pakken maar deze is onvindbaar. ‘Misschien buiten laten liggen,’ denk ik, ‘Net als de yogamat.’Ik duw de balkondeur open en hoor een zachte vrouwenstem zeggen, ‘Corpse pose’. Naast elkaar liggen de jongens op de yogamat. ‘Anything you can do, we can do better,’ glimlacht Moeltje en relaxt zoals alleen een beanie-bag relaxen kan.

 

‘Je doet het niet goed Rozi,’ roept Toet ineens. ‘Je moet je he-le-maal ontspannen. Leg je pootjes nu eens op de mat. Gewoon liggen. Hoe moeilijk kan dat nou zijn?’ ‘Kan… Ik… Niet… Toet,’ hijgt de kleine roze olifant.  ‘Just relax, kleine olivent,’ doet Moeltje een duit in het zakje. ‘Zeur niet zo,’ piept Rozi, ‘Ik ben gerelaxt. Ik sta alleen onder spanning. Appelig heeft mij heul strak in elkaar gezet. Zo strak, dat ik mijn pootjes niet… goed… plat… op… de… grond… .’ Bij elk woordje, elk adempufje bewegen zijn pootjes richting de vloer en komt zijn hoofdje wat omhoog. De vrouwenstem zegt ‘stop’ en floep, daar zit de kleine olifant rechtop. ‘Ik doet niet meer mee,’ piept hij. ‘Ik vind dit niet leuk!

‘Nu komen die oefeningen waarbij je soms kleine scheetjes laat,’ giebelt Toet. ‘Als joe det maar uit joe hoofd laat,’ bromt Moetje. ‘Die billen van joe ligken naast mijn hoofd.’ Toet zegt niets. In opperste concentratie trekt hij een pootje richting zijn borstkas. Ineens klinkt er een luid ‘pfffffffffffff’.  ‘Toet, wet heeft ik noe gezegd,’ gromt Moeltje. ‘Dat waren mijn billen niet,’ protesteert Toet. Rozi rolt over de grond terwijl hij ‘pfffffff’- geluidjes blijft maken met zijn slurfje.

De ‘easy pose’ wordt aangekondigd. ‘Die kan jij ook Rozi,’ moedigt Toet zijn vriendje aan. ‘How?,’ vraagt Moeltje. ‘He heeft geen knies. Look, zo moet het.’ Kreunend legt hij zijn achterpootjes in een knoop en legt zijn voorpootjes op zijn knieën. Toet doet zijn best zijn voorbeeld te volgen maar helaas. ‘Ik ben toch niet zo flexi-bel als ik dacht,’ steunt hij. De volgende oefening wordt aangekondigd. ‘Mountain pose.’

‘Wat moeten we doen, wat moeten we doen, ‘ roept Toet en kiept  langzaam om. Zijn achterpootjes zitten nog steeds in de knoop. ‘Wat jullie doen, weet ik niet,’ piept Rozi, ‘Maar ik stop met die onzin en ga naar binnen.’ Ik vind het ook mooi geweest en pak mijn telefoon. UIt het uitblijven van protest maak ik op dat de beide andere heren er ook genoeg van hebben.

Wanneer ik een uurtje later thuis kom zitten Toet en Rozi samen lekker te spelen. ‘Wil je Moeltje even gaan helpen?,’ vraagt Toet. ‘Hij heeft zijn pootjes zo stevig in de knoop gelegd, dat hij ze niet meer los krijgt. Voorzichtig, een brede grijns nauwelijks onderdrukkend,  ontknoop ik Moel’s pootjes. ‘Okay, not everything you can do, we can do better,’ bromt hij met een twinkeling in zijn ogen. ‘But het meeste wel!’

Mag ik mee?

img_2941Op She’s Changing Lanes zouden alleen blogs verschijnen over mijn zoektocht naar werk waar ik blij en gelukkig van word. Voor de overige verhalen over mijn leven had ik een ander blog. Al snel kwam ik er achter dat de scheiding tussen zoektocht en ‘rest-van-mijn-leven’ niet tot nauwelijks bestaat; dat het bijhouden van twee blogs geen doen is. Ik stopte met het andere blog, maakte daar een verwijzing naar hier en schreef vrolijk over eieren die met de deur in huis vallen. Slechts voor één onderdeel van mijn andere blog was hier geen ruimte. De verhaaltjes over Toet de CliniClown-muis en zijn vriendjes. Lezers van oudsher weten dat Toet zich nergens door laat tegenhouden.

‘Mag ik vanavond mee?’ Twee zwarte kraaloogjes kijken mij vragend aan. ‘Mee? Waar naar toe?,’ houd ik mij voor de domme. ‘Ik wil mee naar de film,’ antwoordt hij. ‘Die gaat over mij!’ ‘Over jou?! Toet wij gaan naar een film over een boekenclub. De film gaat over vier dames van middelbare leeftijd.’ ‘Denk eens even goed na,’ reageert hij, ‘welk boek zij lezen.’ ‘Fifty shades of grey Toet.’ Hij knikt. ‘Vijftig tinten grijs. Dat boek gaat duidelijk over mij! Ooit was ik twee tinten grijs, maar ondertussen …’ Hij wijst op een paar vlekjes op zijn velletje. ‘Bovendien las ik iets over ondeugend en dat ben ik ten voeten uit.’  Ik schud van nee hoewel dat ondeugend wel klopt. ‘Wil jij weten waar dat boek echt over gaat Toet?,’ vraag ik hem. Hij knikt. ‘Dan moet je wat dichterbij komen zodat ik het in je oor kan fluisteren. Die twee kleintjes hoeven het niet te horen’. Gedwee en heel nieuwsgierig legt hij één van zijn grote oren tegen mijn mond.

‘Het gaat over smiespel smiespel smiespel.’ ‘Zweep?,’ jubelt hij. ‘Oh, een avonturenfilm net als Indiana Jones. Dat vind ik ook leuk.’ Ik schud van nee, en fluister verder. Er verschijnt een blosje op zijn grijze wangen. ‘oh, zo’n zw-zweep. Zulke handboeien. Nee, laat maar. Daar doen wij Toetjes niet aan,’ mompelt hij. ‘Ik wacht wel tot je naar de nieuwe film van Winnie de Poeh gaat, dat is meer iets voor mij.’ Even is het stil. Dan zegt hij, ‘Dat jij naar zo’n film gaat.’

‘Hoezo, zo’n film Toet? Het gaat over vier vrouwen van middelbare leeftijd die een boek lezen. Omdat zij lid zijn van een boekenclub. Niks meer, niks minder. Wat dacht jij dan!’