Is er nog een weg terug?

Je bent met je werkgever in gesprek om op x-moment de samenwerking te verbreken. Je zit boordevol ideeën en bruist van de energie. Je toekomstige carrière lonkt. En dan ineens slaat de twijfel toe en vraag je je af ‘is er nog een weg terug?’

changing lanes

Het antwoord is simpel. Natuurlijk is er een weg terug. Staat er nog niets op papier is een simpel ‘ik heb mij bedacht’ meestal voldoende om het traject te stoppen. Hebben je werkgever en jij wel al een vaststellingsovereenkomst (VSO) getekend dan heb je, conform de zogenaamde spijtoptantenregeling, tot twee weken na het tekenen de tijd om op je besluit terug te komen. Is deze regeling niet in de VSO opgenomen, heb je zelfs drie weken de tijd. Wel moet je je afvragen of het verstandig is om in dit stadium terug te komen op je besluit.

Om niet al je geloofwaardigheid te verliezen dient je motivatie om toch in je huidige functie te blijven zitten, zeker in de ogen van je werkgever, wel een heel goede te zijn. Bovendien moet je er wel zeker van zijn dat je niet binnen een paar maanden weer van mening verandert. De kans dat een werkgever een tweede maal dit traject inzet is relatief klein.

Wat valt onder de noemer ‘goede motivatie’? Het antwoord op deze vraag hangt nauw samen met de reden(en) waarom je wilt vertrekken en is daarom nauwelijks in algemene zin te beantwoorden. Om een voorbeeld te noemen: het maakt een groot verschil of je wens tot afscheid nemen is ingegeven door een droom om iets anders te gaan doen of uit wrok en grote onvrede over de gang van zaken bij je huidige werkgever. In het eerste geval kan het gevoel ‘holy shit, waar ben ik aan begonnen’ wel als voldoende motivatie gezien en gevoeld worden om te blijven maar in het tweede geval…? Er moeten zich dan wel heel wat verzachtende omstandigheden aandienen.

Het moge duidelijk zijn: het antwoord op de vraag ‘is er een weg terug?’ is niet zo simpel als in eerste instantie lijkt. Het is daarom wel handig om hier, voorafgaand aan het eerste gesprek met je werkgever over beëindiging van je dienstverband, over na te denken. De voors en tegens op papier zet. Rooskleurige dromen tempert en mogelijke mitsen, maren en doemscenario’s benoemt. Bepalen waar je grens ligt. Dat voorkomt dat je, wanneer de twijfel om wat voor reden dan ook toeslaat, in paniek raakt en in de greep van angst een keuze maakt waar je later spijt van krijgt. Ik weet dat het vooraf analyseren van de voors en tegens mij in mijn paniekmoment geholpen heeft. Zodat de wind ging liggen voordat het een storm werd.

stormy weather

Het Plan

Het besluit om mijn huidige baan vaarwel te zeggen is genomen. De vraag ‘Wat wil jij later worden’ beantwoord. De opleiding die ik  daarvoor wil gaan volgen uitgezocht. De hoogste tijd om een plan te bedenken om daar te komen waar ik naar toe wil. 

cropped-doel_2374-effects25.jpg

Mijn eerste plan was niet bepaald spectaculair: Starten met de opleiding en rustig uitkijken naar een andere baan. Een jaar geleden, als beheerder van het HR-pakket, was dat een goed plan geweest. Dankzij mijn kennis en kunde op het gebied van HR had ik in de avonduren nog genoeg energie over om er een studie (NCOI HBO Online Communicatie en Social Media) naast te doen. Aan die energie ontbreekt het mij, nu ik een voor mij onbekend werkterrein inclusief de bijbehorende knopjes leer te begrijpen, volkomen.

Plan B diende zich aan. Een gedurfd plan. Een clean break om vanuit ‘even niets’ te starten met mijn opleiding en rustig op zoek te gaan naar een nieuwe uitdaging als content manager. Klinkt leuk, maar gezien het feit dat het UWV onderdeel van dat plan is niet haalbaar. Het UWV houdt niet van ‘even niets’ en ‘rustig op zoek gaan’. Vanuit hun perspectief snap ik dat volkomen. Probleem is wel dat de kans dat ik nu al voor mijn droombaan word aangenomen praktisch nihil is. Plan B was letterlijk en figuurlijk niet erg smart. Terug naar de tekentafel.

Ik ging door tot plan X, blijven zitten waar ik zit en zien waar het schip strandt. Gevoelsmatig een gepasseerd station. Uiteindelijk heeft Plan B een upgrade gekregen. De clean break, het volgen van een opleiding en het zoeken naar een baan als content manager zijn gebleven.

Toegevoegd is het idee om via het uitzendbureau op zoek te gaan naar tijdelijke banen op administratief gebied. Ik zit met name aan vervanging tijdens zwangerschapsverlof te denken. Daarmee blijf ik actief op de arbeidsmarkt, leer nieuwe bedrijven en mensen kennen, breid mijn vaardigheden uit en kan, in de verlengde proeftijd die zo’n vervanging eigenlijk is, aan de werkgever laten zien wat ik in huis heb.

De tweede upgrade ben je nu aan het lezen. Op zoek naar antwoorden op mijn vragen rondom ‘Afscheid nemen van je werkgever wanneer je nog geen nieuwe baan hebt’ vond ik vooral gortdroge juridische verhalen en praktisch onleesbare UWV-teksten, maar nauwelijks persoonlijke ervaringen die verder gaan dan ‘Top keuze, had ik jaren eerder moeten doen.’ Ik was juist op zoek naar het verhaal achter de beslissing. Hoe kom je tot zo’n besluit, welke stappen kan/moet je ondernemen, waar moet je op letten, hoe is het om ineens geen vaste dagbesteding meer te hebben, de financiële consequenties, de twijfel, de zoektocht, de teleurstellingen, de vreugde, de… Nou ja, alles eigenlijk. Vanuit de gedachte ‘Dan schrijf ik het zelf wel’, is deze website geboren. Niet alleen ter Leringh ende Vermaeck voor anderen die in mijn situatie zitten, maar ook om te laten zien dat ik content kan schrijven en, zodra ik wat verder ben met mijn opleiding, een website kan vormgeven en een social media campagne weet op te zetten.

De derde upgrade heeft met tijd te maken. Zoals hierboven aangegeven wil ik eerst via het uitzendbureau op zoek gaan naar kortlopende werkopdrachten die niet persé te maken hebben met mijn droombaan. Zodra ik de eerste module van mijn opleiding heb afgerond wil ik de zoekfocus verleggen richting online communicatiefuncties. Wat niet wil zeggen dat ik ander werk afsla. Brood op de plank is en blijft het doel. Over anderhalf tot twee jaar wil ik het ‘jobhoppen’ via het uitzendbureau achter mij laten door weer een ‘normaal’ dienstverband aan te gaan. Liefst in de nieuw gekozen richting maar wat niet is, is niet. Het belangrijkste criterium is dat ik het werk (en alles wat er bij hoort) leuk vind en dat ik van de opbrengst kan leven.

Tot nu toe is iedereen die ik op de hoogte stel van mijn plan net als ik van mening dat het een goed plan is. De tijd zal uitwijzen of het een realistisch plan is.  Of ik het bij moet stellen, ga stellen en op welke punten of termijn, zal de tijd uitwijzen. Voor nu put ik kracht uit dit plan. Uit weten wat ik wil. Het hebben van een doel. MIJN DOEL!

Wat wil ik later worden?

Nadat ik aan mijzelf had toegegeven dat mijn baan als Functioneel beheerder binnen de gezondheidszorg mij niet meer past en het tijd wordt deze baan achter mij te laten rees onmiddellijk de vraag ‘Maar wat dan wel? Wat wil ik later worden?’

In eerste instantie zocht ik die nieuwe uitdaging binnen de zorg. Ten tijde van het kiezen van mijn eindexamenvakken was ik onder andere voor Scheikunde en Biologie gegaan omdat ik laborant wilde worden. Tijdens het eerste practicum kreeg ik een jeukende uitslag op mijn onderarmen. Bij het tweede, derde etc. practicum ook. ‘Een allergische reactie voor iets in het Scheikunde lokaal,’ constateerde de huisarts. Wat dat iets was kon hij niet zeggen. Zijn advies was: ‘Zoek een andere beroepsrichting want laborant lijkt mij niet handig.’ Ik zocht en vond en ging naar de Bibliotheek Academie.

Na jaren in meer of mindere mate als bibliothecaris gewerkt te hebben maakte ik de overstap naar de zorg waar ik eerst binnen HR en later als ICT-er mijn handjes liet wapperen. De ‘echte’ zorg bleef, mede door het onderdeel Medische Basiskennis van de opleiding tot Natuurgeneeskundig Specialist (SORAG, 2011-2015), trekken en dan met name de functie functie-analist. Voor deze functie heb je geen speciale zorgachtergrond nodig om op de opleiding toegelaten te worden. Wat je wel nodig hebt is een baan binnen het werkveld en affiniteit met mensen, de zorg en ICT/techniek. Dat heb ik dus ging ik op zoek naar een opleidingsplek. Tweemaal zag ik een vacature voorbij komen, solliciteerde en werd ik afgewezen. Beide keren was de teleurstelling niet groot. Alleen het gevoel  ‘Ik wil wat anders’ groeide, werd ‘Het wordt tijd voor iets anders’ en eindigde met ‘Je moet nu iets doen want je moet nog twaalf jaar werken en laat het dan alsjeblieft werk zijn waar je blij van wordt.’  De hoogste tijd om de vragen ‘Wat wil jij later worden? Waar word jij blij van?’ te stellen.

Het antwoord bleek nog niet zo makkelijk. Ten eerste vind ik best veel dingen leuk en ten tweede is het verrekte lastig 100% eerlijk te zijn wanneer de gedachte ‘Maar er moet wel brood op de plank komen’ er constant tussendoor fietst. Daardoor bleef ik aan opties binnen de zorg denken. Ineens wist ik het. Eureka! Waar was ik de afgelopen acht jaar als ‘op- en af mantelzorger’ voor mijn beide ouders heel blij van geworden? Iemand die mij (en mijn familie) had geholpen met het vinden van een weg in het bospadloze oerwoud dat ouderenzorg is. Twee weken lang zocht ik naar opleidingen en vacatures. Twee weken lang speelde ik met het idee. Toen kwam het besef ‘Dit wil ik niet echt. Dit kan ik niet eens. Wellke familie zit te wachten op een begeleider die meejankt, uitflipt naar psychiaters, geriaters, cardiologen en huisartsen?’ Pas toen ik dat besefte kon ik de zorg loslaten en echt voor de vraag gaan zitten.

Het werd een weekendje soulsearching en (onder andere met behulp van mijn CV) in mijn geheugen graven. Toen was ik er uit. Vanaf heel jong is het mijn droom om schrijfster te worden. Het sinds 2011 bijna dagelijks bloggen geeft mij energie, net als het spelen met de lay-out van mijn blog. De beroepskeuze ‘analist’ was niet de oorzaak van mijn pakketkeuze  in drie HAVO maar het gevolg van die geen vlees geen vis (Nederlands, Engels, Geschiedenis, Economie, Scheikunde en Biologie) keuze die ik had gemaakt. Ik heb nooit spijt gehad van de switch naar bibliothecaris en heb altijd met veel plezier in de bieb gewerkt. In mijn Philipsjaren vond ik het samenstellen van de diverse maandelijkse informatiebulletins (zowel het zoeken naar geschikte onderwerpen, het schrijven van inhoud en het vormgeven) als het corrigeren van door anderen geschreven vakpublicaties in Nederlands en Engels) meer dan leuk en tot op de dag van vandaag kan ik helemaal gelukkig worden van administratieve processen.  Het was ondertussen zondagmiddag en ik dacht ‘Fijn dat ik dit allemaal weet, maar wat nu?’

Karma greep in. Ik zag een mailtje binnenkomen van een collega die met mij wilde connecten op LinkedIn. Ik accepteerde het verzoek vanuit de mail en zag nog een berichtje van haar binnenkomen. Ik opende LinkedIn om te reageren en zag op mijn tijdlijn het antwoord op mijn vraag voorbij komen in de vorm van een felicitatie (aan een voor mij volkomen onbekende persoon) voor het behalen van een diploma. De opleiding trok mijn aandacht. Online communicatie en Social Media. Ik ging mij in de opleiding verdiepen en wist: dit is het. Ik word, nee, ik ben content manager.  Ik hoef alleen nog maar een baan te vinden.

Om dat te bereiken neem ik over een paar maanden afscheid van mijn huidige werkgever zodat ik al mijn energie kan richten op het volgen van een opleiding en het vinden van dé baan.  Hier, op deze site, is mijn pad te volgen.